Foto Nieuw is niet altijd beter: de wetenschap achter je vaatdoek.

Nieuw is niet altijd beter: de wetenschap achter je vaatdoek.

N

Nieuw is niet altijd beter: de wetenschap achter je vaatdoek.

Een nieuwe vaatdoek ziet er fris en stevig uit. Maar wie ermee aan de slag gaat, merkt het vaak meteen: afdrogen gaat moeizaam. Verrassend genoeg zijn het net de oudere, wat versleten exemplaren die het best presteren. Hoe komt dat?

Volgens Alexandra De Raeve, textielexpert en coördinator van het FTILab+ (Fashion and Textiles Innovation Lab), heeft dat alles te maken met de afwerking van nieuwe doeken. Tijdens het productieproces krijgen veel vaatdoeken een zogenaamde finishlaag. Dat is een dunne, vaak siliconengebaseerde coating die de stof zachter doet aanvoelen en er aantrekkelijk laat uitzien in de winkel. Maar die laag maakt de doek in eerste instantie ook waterafstotend.

Met andere woorden: wat in de winkel voor een luxueuze uitstraling zorgt, belemmert in het begin de opname van vocht. Gelukkig verdwijnt die laag na enkele wasbeurten. Een eerste wasbeurt vóór gebruik is dus geen overbodige stap. Sommige mensen voegen een scheutje azijn toe om het proces te versnellen, al volstaat meerdere keren wassen meestal ook.

Daarnaast speelt slijtage een onverwacht positieve rol. “Na verloop van tijd komen kleine vezels losser te zitten”, legt De Raeve uit. “Daardoor ontstaat een pluiziger oppervlak met meer contactpunten. Hoe groter het oppervlak, hoe meer water de doek kan opnemen.” Dat verklaart ook waarom badstof zo goed absorbeert: de typische lusjes vergroten het opnamevermogen aanzienlijk.

Maakt het materiaal zelf veel uit? Zowel natuurlijke vezels zoals katoen als synthetische materialen hebben hun eigen manier om met vocht om te gaan. Natuurlijke vezels nemen water op in de vezel zelf. Synthetische vezels doen dat minder, maar kunnen vocht tussen de vezels transporteren – een zogenaamd ‘wicking effect’. Daardoor drogen synthetische doeken vaak sneller, terwijl katoenen exemplaren meer tijd nodig hebben om volledig te drogen.

Wie een nieuwe vaatdoek kiest, kijkt dus best verder dan kleur of design. Een grovere structuur of wafeltextuur is doorgaans efficiënter dan een gladde afwerking. En een nieuwe doek? Die verdient eerst een rondje in de wasmachine.

Benieuwd naar de volledige uitleg en achtergrond bij dit fenomeen? Lees het volledige artikel in De Standaard.


Meer weten?

Over de auteur

Alexandra De Raeve

Alexandra is coördinator van het Fashion and Textiles Innovation Lab. Met haar jarenlange expertise in textielveredeling, draagcomfort van kleding, duurzaamheid, beschermkledij, EU strategie voor duurzaam en circulair textiel draagt ze bij aan de duurzame innovatie in de textiel- en kledingindustrie.

stuur een e-mail